(melodie: soms zou ik willen vliegen als een vlindertje)
Nu zal ik kunnen schijnen als een zonnetje,
een zonnetje, een zonnetje.
Nu zal ik kunnen schijnen als een zonnetje,
‘k ben een kind van God.
Zo blij, zo blij, want Jezus woont in mij.
Zo blij, zo blij, want Jezus woont in mij.
Nu zal ik kunnen groeien als een zonnebloem,
een zonnebloem, een zonnebloem.
Nu zal ik kunnen groeien als een zonnebloem,
‘k ben een kind van God.
Zo blij, zo blij, want Jezus woont in mij.
Zo blij, zo blij, want Jezus woont in mij.